Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Bohuslav Martinu - Rhapsody - Concerto - Lidice - James Conlon

Bohuslav Martinu - Rhapsody - Concerto - Lidice - James ConlonBlijf verwonderd!

Uitvoerders: Trio Wanderer; Tabea Zimmerman, altviool; Gürzenich-Orchester KÖln o.l.v. James Conlon Label: Capriccio 71053
Bohuslav Martinu - Rhapsody - Concerto - Lidice - James Conlon

Bohuslav Martinu - Rhapsody - Concerto - Lidice - James Conlon

Programma: Bohuslav Martinu: Lidice - Concertino voor pianotrio en strijkers - Rhapsody-Concerto voor altviool en orkest - Concerto voor pianotrio en strijkers

Aan het hoofd van het opmerkelijke Gürzenich-Orchester Köln, brengt dirigent James Conlon bij het Oostenrijkse label Capriccio de ene interessante uitgave na de andere uit. Na componisten als Schulhoff, Ullmann, Hartmann en Schreker is nu Bohuslav Martinu aan de beurt. Deze cd opent met het herdenkingsstuk voor Lidice, een kleine plaats op zo'n twintig kilometer van Praag, waar de Duitse bezetters in 1942 de gehele bevolking doodden, of naar concentratiekampen voerden. De elegie loopt uit in een grootse climax, waarin Martinu het noodlotsmotief van Beethovens Vijfde verweeft. Op deze cd vind je ook twee werken voor de ongewone combinatie van pianotrio en strijkorkest. Wel opletten, want het is een beetje verwarrend: het Concerto voor pianotrio en strijkers is geschreven in de lente van 1933 in Parijs. Het werd in 1962 door musicoloog Harry Halbreich ontdekt, en het kreeg een jaar later zijn première o.l.v. Rudolf Baumgartner. Het werk werd bijna drie decennia verwaarloosd, omdat men dacht dat het hier ging om het 'Concertino' voor pianotrio en strijkers, dat Martinu later in datzelfde jaar '33 componeerde. Dit Concerto, een echt meesterwerkje, is opgebouwd in de barokke concerto grosso-stijl. Bijzonder mooi is het Andante, dat solo ingeleid wordt door de piano. Martinu schreef zijn Concertino voor pianotrio en strijkers (op vraag van Paul Sacher) enkele maanden later. Bij de titel 'concertino' denk je aan een lichter werk, en dat is het ook: dit Concertino klinkt lyrischer, meer ontspannen. Het krachtige, alert spelende Franse Trio Wanderer geeft van deze twee stukken enthousiaste en toegewijde uitvoeringen. Het Rapsodie-concerto voor altviool en orkest tenslotte, componeerde Martinu in 1952 in de Verenigde Staten. Dit is een eerder ernstig werk, maar het is harmonisch heel helder opgebouwd, en de orkestratie is kleurrijk: hier hoor je opnieuw de timbres van de Tsjechische volksmuziek. Soliste is de voortreffelijke altvioliste Tabea Zimmermann, die voor een vitale, diep doorvoelde vertolking zorgt. Dirigent James Conlon lijkt zich in de muziek van Martinu uitstekend thuis te voelen, en hij heeft veel aandacht voor de zo typische nerveuze spanning ervan. Ook zijn Gürzenich-Orchester Köln speelt met hoorbaar plezier en veel inzet.

Bart Tijskens

Klara's oordeel