Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Chantal Pattyn recenseert 'De onbevlekte' van Erwin Mortier

Chantal Pattyn recenseert 'De onbevlekte' van Erwin MortierKunst & Cultuur

"Deze korte roman gaat ook over een hele familiegeschiedenis die zich plooit en vaak zwijgt door wat er met Marcel gebeurde. Kortom, we mogen zo geloven in onze maakbaarheid, ontsnappen aan het DNA van je historiek is in dit Vlaanderen, schier onmogelijk."
De cover van het boek 'De onbevlekte' van Erwin Mortier, uitgegeven bij De Bezige BijDe Bezige Bij

De onbevlekte

Ik bracht enkele heerlijke uren door. Met een PDF nog wel. In deze tijden waarin uitgevers en boekhandelaren zich heruitvinden, ook per bakfiets. Het betrof De onbevlekte, de nieuwe roman van Erwin Mortier. Door de aankondiging dat dit boek de opvolger was van zijn weergaloze debuut Marcel (1999) was ik helemaal opgewonden. De schrijver zelf die ik deze week op veilige afstand in de studio van Pompidou trof op Klara, corrigeert: de steller van het oerverhaal is ook 21 jaar ouder geworden. In De Onbevlekte hebben de schrijver en de verteller dezelfde leeftijd. Er werden ondertussen dierbare doden begraven. In de literatuur en het echte leven. De geleefde tijd wordt ondertussen anders beleefd. Met nog meer laagjes en diepgaander. Wijsheid dus, die soms resulteert in begrip en mededogen. In ieder geval in een zeer grote empathie.

De onbevlekte, Maria dus, is de naam die het hoofdpersonage niet kreeg. Ze heet Andrea. Dat is heel mans. Sterk als een vent. Zij is de zus van Marcel Ornelis, die in de jaren 40 van de vorige eeuw houzee! met het Vlaams Legioen naar het oostfront trok, een functie kreeg bij de Einsatztruppen en na vele brieven naar het thuisfront (de meest bucolische is die over de kwaliteit van de tomaten!) zijn graf in Oekraïne vond. Hij: de langverwachte die kraambed en kinderziekten overleefd had, het godsgeschenk. Toen hij ten oorlog trok: een kind, half mens, één kwart veulen. Zij: de oudere zus, de vergissing en de gemiste kans. Na de dood van hun beider vader naar een school gestuurd teneinde snit en naad en wat Frans en Duits te leren. Terwijl moeder Emilia, met de kanker in de botten, het boerenbedrijf moest managen nadat haar echtgenoot schielijk om het leven kwam door een fataal treffen tussen een paard en een trein: ‘Een vrouwmens moet taaier zijn dan de dunste draad, taaier dan een vent, taaier dan een spin’. Mortier stelt het nog heftiger: ‘Zonen worden met verwachtingen beladen, dochters met erfzonden.’

De oudere wees moet uiteindelijk de andere begraven. Zonder vaandels in mijn kerk, sprak meneer pastoor. Maar het is dat leed en verleden van trauma en schuld waar Mortier via ragfijne draden zijn verhaal mee opbouwt.

Feministes oreren dat mannen niet over vrouwen hoeven te schrijven (lees daarover ook Christophe Vekemans’ opiniestuk waarin hij Gustave Flaubert citeerde, die orakelde: Bovary, c’est moi!). In deze contreien beschikken we over een aantal schrijvers die als geen ander monumenten oprichtten voor vrouwen, meestal moeders: Tom Lanoye, Peter Verhelst, .... Dat deed ook Erwin Mortier, maar deze keer focust hij op Andrea, toen ze een jong en bang meisje was, een opgroeiende mooie vrouw en de oma die haar bezoekers nog altijd op te copieuze maaltijden vergast, klaar om het ouderlijk erf te verlaten. Mortier zei me dat haar kookkunsten zware effecten op de darmen hadden. Ik verdenk hem ervan, na al die romans, liever over vrouwen dan mannen te schrijven, uit adoratie, wegens hun standvastigheid en werklust, maar ook door het spel dat hij speelt met alle vestimentaire en capillaire fascinaties.

Mortier maakte van Andrea een prachtig personage. De kleermaakster werd couturière. De omgang met stoffen en het plooien en naaien van textiel diende ook uitdijende derrières (zoals van Mevrouw Veegaete/ Veekat!) des zomers een leven te geven binnen een bepaalde perimeter en liefst met de benen dicht. Mousseline is geen spons, onthoud ik. Zelfs als Mortier de onverwerkte tranen omtrent de dood van een dierbare collaborateur beschrijft,

zorgt hij voor de zuurstof en de verbeelding en zelfs een lach door zich op wapperende jurken en als Sint-Honoré-taarten verpakte kapsels te storten.

Deze korte roman gaat ook over een hele familiegeschiedenis die zich plooit en vaak zwijgt door wat er met Marcel gebeurde. Kortom, we mogen zo geloven in onze maakbaarheid, een conditio sine qua non van het neoliberale denken, ontsnappen aan het DNA van je historiek is in dit Vlaanderen, schier onmogelijk.

Om die reden betreurt Mortier ook een gebrek aan een symbolisch moment voor het mogelijk maken van een catharsis. Een waarheidscommissie en van overheidswege duidelijk afstand nemen van het verleden had een helend effect kunnen hebben. Quod non. Canvas moest de zeer gewaardeerde series Kinderen van de Collaboratie en vervolgens van Het Verzet maken om te merken dat de oude wonden nog niet immuun waren voor het strooien van nieuw zout.

Laat me nog iets vertellen over de stijl van Mortier. Zijn register en stilistische kunne was al duidelijk in Marcel, waarvan ik het manuscript bewaarde alsmede de menukaart van de voorstelling van de roman in het klooster te Hansbeke bewaarde. Sindsdien las ik alles van mijn oude maat in de Kunstgeschiedenis te Gent. Op de banken van de Blandijn deden we vooral aan verbaal scherpschieten. Waarna we ieder ons weegs gingen. Mortier schrijft vaak bedwelmend. Als hij brutaal wil worden doet hij dat onder een baal textiel of roomsoezen. Zijn extatische en toch subtiele stijl maken het mogelijk dat we deze verhalen als helend ervaren. En bovendien een sensatie om te lezen. Ik bleef hangen aan zoveel woorden. Ik las zinnen hardop, om het genot te verdubbelen.

Ik sluit dit af met een fragment uit De Onbevlekte.

Het eeuwige product van schuld en schaamte?

Ik heb geen vragen meer, de dag is gekomen om

die te laten varen en antwoorden te verzinnen die

een snuf mysterie in zich weten te bewaren. Hier

ben ik begonnen te schrijven, een manier om mijn

bek open te trekken en hem tegelijk dicht te houden.

Ik verwacht weinig van mijn woorden, zij mogelijk

meer van mij. Misschien zou ik willen dat het

continuüm van tijd en ruimte heel even splijt onder

mijn laffe gebeitel en er een andere tijd bloot komt

te liggen, de Boventijd. Ik weet niet of dat lukt, en

of het genoeg is, ook nu, hier, terwijl ik mijn laatste

brief aan haar voltooi, mijn allerlaatste.

Lesson learned: nooit puree maken met een mixer. En werk maken van De Boventijd.

Pompidou

Klara’s dagelijkse ontmoeting met de wereld van de kunst. Chantal Pattyn en Nicky Aerts brengen uiteenlopende gasten rond de tafel onder het motto ‘Alles voor de kunst!’

Presentatie: Chantal Pattyn / Nicky Aerts

Samenstelling: Vincent Goris

Contact: via de reageerknop in de Klara-app of via pompidou@klara.be

Van maandag tot en met donderdag, telkens van 17 tot 18 uur op Klara, klara.be en de Klara-app.
Nadien is de uitzending nog 2 weken lang te herbeluisteren via de site en de app.

En Pompidou kan ook gedownload worden als podcast. Zo kan u een uitzending steeds bewaren voor later.

Klik hier en bekijk wat Pompidou te bieden heeft op Facebook
Klik hier en bekijk wat Pompidou te bieden heeft op Instagram