Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Christophe Vekeman leest Georges Perec

Christophe Vekeman leest Georges PerecKunst & Cultuur

De letter E is alomtegenwoordig in De Wedergekeerden, en daar had schrijver Georges Perec zijn redenen voor. Dit boek was een helse klus om te schrijven en een nog helsere klus om te vertalen. Maar is het ook een helse klus om te lezen? Christophe Vekeman wierp zich op als proefkonijn.

De letter E is alomtegenwoordig in dit boek van Perec

Dat zich de meester toont in de beperking, daarvan zeggen heel veel mensen overtuigd te zijn, maar het waren de leden van de literaire groep OuLiPo, opgericht in 1960 door onder meer Raymond Queneau, die van de stelling in kwestie een heus artistiek programma maakten.

En wat zo’n programma voor gevolgen kan hebben, wordt ons eenvoudig duidelijk gemaakt door Georges Perec, die in 1967 tot de beweging toetrad en twee jaar later zijn roman La Disparition publiceerde, in het Nederlands een paar jaar geleden vertaald als ’t Manco.

Deze beide titels, de oorspronkelijke en de vertaalde dus, hebben met elkaar gemeen, zoals eenieder kan merken, dat de letter e er niet in voorkomt, maar daar houdt het geenszins mee op, want de genoemde letter ontbreekt in allebei de boeken maar liefst meer dan driehonderd pagina’s lang. Uitroepteken.

Geen paniek echter, want een en ander werd twee jaar later zeer ruimschoots gecompenseerd toen Perec opnieuw een lipogrammatische roman publiceerde, ditmaal met als titel Les Revenentes, en het is dit boek dat zonet, exact veertig jaar na de dood van Perec op 45-jarige leeftijd – hij stierf aan longkanker –, eveneens in vertaling het licht zag.

Deze vertaling, De wedergekeerden getiteld, begint, om meteen maar een idee te geven, met de volgende zin:

Net bevreesd mekkerende beesten, bereden zeven velvet green Mercedessen Benz, de vensters bedekt met crème-gele repen crèpe, beheerst West End Street, steegjes met sterrenkers nemend, begrensd met berken en essen, welke de plek wezen der tengere en tevens verheven Exeter Kerk’ – en ik denk dat iedereen die dit zonet gelezen heeft wel onmiddellijk beseft dat het hier geen boek betreft dat het moet hebben van de gebeurtenissen die erin worden verhaald.

Georges Perec

De plot is dan ook even vaag en onzinnig als dat hij gemakkelijk valt samen te vatten: in het voornoemde kerkgebouw wordt een orgie georganiseerd in het gezelschap van onder andere de etter Ernest, de deernen Thérèse, Estelle en Hélène, Lew-met-z’n-lekkere-reet en ga zo maar door, en dit met de bedoeling de edelstenen van jetset-vedette Bérengère de Brémen-Brévent te stelen. Dat ‘bedenkeleke seksfeest’ wordt langdurig en met veel knipogen naar Markies de Sade beschreven, compleet met incestueuze scènes, zweperige toestanden en situaties waarin niet alleen de zeventigjarige kerkheer Bérengères tepels leeg ‘tetterde’ als ‘een bébé met een speen’, maar er ook driftig met drek wordt gesmeerd.

Is Les Revenentes dan een goed boek, of gewoon nog maar het lezen waard? Geen idee. Ik heb Les Revenentes immers nog nooit in mijn handen gehad en kan het dus alleen maar hebben over De wedergekeerden. Ik benadruk dit, omdat we hier waarlijk te maken hebben met een absolute primeur: een vertaling van een roman die als het ware de originele tekst in de schaduw stelt, in die zin dat de beperkingen waar het Perec om te doen was en die hij zichzelf oplegde tijdens het schrijven slechts klein bier te noemen vallen in vergelijking met de problemen waarmee de genaamde Guido van de Wiel bij het vertalen te kampen moet hebben gehad.

Deze laatste wist zich immers niet alleen gebonden aan de eis geen andere klinkers dan de e te gebruiken, maar ook nog eens – in tegenstelling tot Perec, die al met al kon schrijven wat hij wilde – aan de originele, in het Nederlands om te zetten tekst van iemand anders. Ga d’r maar aan staan, en het is de vertaler dus die hier wat mij betreft met de hoofdrol gaat lopen – en ook wel een beetje medelijden verdient.

De wedergekeerden kan gelezen worden als Perecs literaire poging tot hereniging met zijn ouders

Het is dan ook terecht, kan je zeggen, dat van de 128 bladzijden die dit boek telt er niet minder dan een vijftiental in beslag genomen wordt door een essayistisch voorwoord van Van de Wiel, maar behalve terecht is dit ook gewoon heel handig voor de lezer om iets gemakkelijker toegang te verkrijgen tot de wereld van Perec in ’t algemeen en deze roman in het bijzonder.

Zo zou het overlijden van Perecs vader in 1940 door een rondvliegende granaatscherf en de deportatie van zijn Joodse moeder drie jaar later geleid hebben tot een gemis dat de schrijver in La Disparition evoceerde door van de e een symbool van afwezigheid te maken.

Les Revenentes dan weer kan in dit opzicht worden gelezen als Perecs literaire poging tot hereniging met zijn ouders. Als je de letters gaat tellen waaruit de titel La Disparition bestaat, kom je uit op 2 en 11, een verwijzing naar de datum waarop moeder verdween, namelijk 11 februari. 2 met 11 opgeteld vormt 13, en dat is het aantal letters waaruit ook de titel Les Revenentes bestaat, een boek dat op de koop toe opgedeeld in 13 hoofdstukken is.

De reeds vermelde naam ‘Thérèse’ klinkt, nu Van de Wiel het zegt, hetzelfde als het Franse woord voor 13, treize, en dat ikzelf voor het eerst van Perecs boeken hoorde in de eerste helft van de jaren 90, toen ik aan de universiteit de freudiaans-lacaniaanse theorieën bestudeerde, mag kortom geen verwondering wekken. Trouwens, de ware liefhebber van doorgedreven literaire exegese kan na Van de Wiels kunstige voorwoord ook nog terecht bij twee gratis te downloaden e-books van zijn hand.

Maar dat zal allemaal geen spek naar de bek zijn van mensen die zelfs in een museum voor moderne kunst lopen te mopperen dat een werk dat het niet zonder enige geschreven duiding of historische of autobiografische achtergrondinformatie kan stellen onmogelijk van waarde kan zijn.

Deze mensen, wel zéér beperkte, erg enge en verrekt benepen geesten, lezen Perecs werk heel zeker tevergeefs en fel verveeld, en leggen beter geen geld – geen cent! – neer ter verwerveng der De wedergekeerden…

Christophe Vekeman

De wedergekeerden van Georges Perec is verschenen bij De Arbeiderspers
Uit het Frans vertaald door Guido van de Wiel

Pompidou

Klara’s dagelijkse ontmoeting met de wereld van de kunst. Chantal Pattyn en Heleen Debruyne brengen uiteenlopende gasten rond de tafel onder het motto ‘Alles voor de kunst!’

Presentatie: Chantal Pattyn / Heleen Debruyne

Samenstelling: Chantal Pattyn

Contact: via de reageerknop in de Klara-app of via pompidou@klara.be

Van maandag tot en met donderdag, telkens van 17 tot 18 uur op Klara, klara.be en de Klara-app.
Nadien is de uitzending nog 2 weken lang te herbeluisteren via de site en de app.