Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Christophe Vekeman leest John Cheever

Christophe Vekeman leest John CheeverKunst & Cultuur

John Cheever wordt tot de allergrootsten van de Amerikaanse literatuur gerekend, en daar is Christophe Vekeman het volmondig mee eens. In Pompidou zwaait hij de lof over 'Visoen van de wereld en andere verhalen', een nieuwe bloemlezing uit het oeuvre van 'de Tsjechov van de suburbs'.

De verhalen van John Cheever horen volgens Christophe Vekeman in elke boekenkast

De literatuur is uiteraard een grote krabbenmand, zoveel mag bekend zijn, maar af en toe gebeurt het toch ook wel dat een schrijver een collega in de hoogte steekt en wil fêteren, zeker als die collega tot een ander werelddeel behoort en bovendien al jaren dood is.

Heden is het de Britse schrijver Julian Barnes die op de proppen komt met een door hem ingeleide en samengestelde selectie verhalen van de hand van wie wel de ‘Tsjechov van de suburbs’ werd genoemd: John Cheever, geboren in 1912 en gestorven aan kanker in 1982 na een leven boordevol drank, getormenteerde toestanden op het seksuele vlak, en niet te vergeten literaire successen.

Met romans als The Wapshot Chronicle en Bullet Park wist hij de bewondering van de kritiek en het publiek te verwerven, maar het waren vooral zijn korte verhalen die klassiek geworden zijn. In 1979 won hij met The Stories of John Cheever de Pulitzer Price for Fiction, en zijn verhaal ‘The Swimmer’ wordt door nogal wat mensen beschouwd als een van de meest geslaagde uit de gehele Amerikaanse literatuur.

Waarom dat zo is, wel, dat kan dankzij Julian Barnes en de vertaling van zijn boek bij Atlas Contact iedere Nederlandstalige lezer vandaag weer voor zichzelf ontdekken. Het verhaal over een als ‘nog altijd slank’ omschreven en dus niet meer zo heel jeugdige man die op een zomernamiddag beslist om van de miljoenste cocktailparty waarop hij zich bevindt niet naar huis te gaan of te rijden maar wel te zwémmen, daarbij gebruikmakend van de keten van privézwembaden die nu eenmaal in elke achtertuin daar in de buurt gelegen zijn, wordt vaak geprezen om de subtiele vermenging van realisme en surrealisme, maar vindt zijn kwaliteit natuurlijk ook in typische Cheeverzinnen als ‘Hij trok de trui uit die om zijn schouders hing en dook in het bad. Hij koesterde een onverklaarbare minachting voor mannen die zich niet halsoverkop in zwembaden gooiden.’

John Cheever

En zo zijn we meteen beland in de buurt van de grote thema’s van Cheever, die hij deels deelt met John Updike en zeker eveneens met Richard Yates: hoe kan een man zich man voelen wanneer al zijn dagen op kantoor telkens weer rotdagen zijn, wat betekent viriliteit in een wereld waarin alle mannen, ongeacht hun leeftijd, in een midlifecrisis verkeren? Hoe is het om vrouw te zijn als ieder feest en elk aperitiefje is bedoeld om heel kortstondig te ontsnappen aan het slavenbestaan van de huissloof die geleefd wordt door haar kinderen en daarbij ook nog eens haar eigenwaarde en aantrekkingskracht moet zien te bewaren? En wat betekent liefde in een leven dat als een gevangenis ervaren wordt, en waarin de man de overspelige, kennelijk voor hem volkomen onbegrijpelijke verliefdheid van een andere man op zijn eigenste echtgenote alleen maar kan zien ‘als een komische vergissing’?

Alles wat er voor de personages van Cheever pleegt op te zitten, is de voornoemde gevangenis zo kleurrijk mogelijk in te richten, en zich terug te trekken achter de gordijnen van het zelfbedrog in een door alcohol gevoed optimisme. Of zoals een vrouw huilt in het eerste verhaal van Barnes’ bloemlezing: ‘“En we hebben twee kinderen, twee prachtige kinderen. Ons leven is niet afschuwelijk, toch, lieveling?” Ze sloeg haar armen om zijn nek en trok zijn gezicht omlaag naar het hare. “Wij zijn gelukkig, toch, lieveling? Wij zijn gelukkig, nietwaar?” “Natuurlijk zijn we gelukkig,” zei hij vermoeid.’

In het eveneens niet eerder in het Nederlands vertaalde titelverhaal van Visioen van de wereld verzucht iemand, wederom een vrouw: ‘Ik heb gewoon het vreselijke gevoel dat ik een personage in een komische tv-serie ben. Ik bedoel, ik zie er leuk uit, ik ben goedgekleed, ik heb geestige, mooie kinderen, maar ik heb het vreselijke gevoel dat ik zwart-wit ben en dat ik door iedereen uitgezet kan worden’ – een en ander speelt zich, voor de duidelijkheid, af in het tijdperk van vóór de kleurentelevisie… 

Eén van de niet te betwisten hoogtepunten in de wereldliteratuur!

Treurnis troef dus in het werk van Cheever, al zorgen de glans van zijn vrijwel perfecte, uiterst doelmatige stijl, opvallend kariger dan die van Updike, maar ook zijn humor, voor de nodige vertroosting. Wanneer bijvoorbeeld een verhaal als ‘De treurnis van de sterkedrank’ eindigt met ‘Hoe kon hij haar’ – dat wil zeggen een vader zijn kleine dochtertje – ‘aan haar verstand brengen dat een mens het werkelijk nergens beter had dan thuis?’, lijkt het althans mij de lezer toegestaan luidkeels in lachen uit te barsten.

Nu houd ik niet van beschrijvingen van het kantoorleven in verhalen,’ deelt op zeker ogenblik een personage ons mede. ‘Als je verhalen schrijft, vind ik, moet je schrijven over bergen beklimmen en stormen op zee.’ Ook dit is in de context van deze bundel een hilarisch dwaze opmerking. Wie het ermee eens is, laat Cheever dan ook beter links liggen. Alle anderen zullen smullen van een van de niet te betwisten hoogtepunten in de wereldliteratuur.

Christophe Vekeman

Visioen van de wereld en andere verhalen van John Cheever is verschenen bij Atlas Contact
Uit het Engels vertaald door Jan Fastenau en Else Hoog

 

Pompidou

Klara’s dagelijkse ontmoeting met de wereld van de kunst. Chantal Pattyn en Nicky Aerts brengen uiteenlopende gasten rond de tafel onder het motto ‘Alles voor de kunst!’

Presentatie: Chantal Pattyn / Heleen Debruyne

Samenstelling: Chantal Pattyn

Contact: via de reageerknop in de Klara-app of via pompidou@klara.be

Van maandag tot en met donderdag, telkens van 17 tot 18 uur op Klara, klara.be en de Klara-app.
Nadien is de uitzending nog 2 weken lang te herbeluisteren via de site en de app.