Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Christophe Vekeman leest Jonathan Franzen

Christophe Vekeman leest Jonathan FranzenKunst & Cultuur

De Amerikaanse schrijver Jonathan Franzen heeft een nieuw boek uit, Kruispunt. Opnieuw een vuistdikke roman met een korte titel. En opnieuw een meesterwerk.

Met veel plezier gelezen: het nieuwe boek van Jonathan Franzen

Jonathan Franzen werd geboren in 1959 in de Amerikaanse staat Illinois, brak in 2001 wereldwijd door met zijn roman The Corrections, en schreef vervolgens nog de meesterwerken Freedom en, in 2015, Purity.

Zopas is Crossroads verschenen, in het Nederlands Kruispunt getiteld, en ook dat is weer een opvallend korte titel voor een opvallend dikke roman. En het is opniéúw een meesterwerk. Ik durf zelfs te zeggen, al wil ik er toegeeflijk aan laten voorafgaan dat ik de rest van de voornoemde boeken niet recent herlezen heb: het meesterlijkste werk dat hij tot nog toe publiceerde.

Waar ligt dat aan, zult u nu vanzelfsprekend willen weten, en plots schiet mij, op zoek naar een accuraat antwoord, de onbeholpenheid te binnen waarmee heroïnegebruikers soms proberen de gewaarwording van een zogeheten ‘shot’ te omschrijven: het effect daarvan zou kunnen worden vergeleken met het beste orgasme dat je in je leven ooit ervaren hebt, maar dan tienmaal sterker. Ik bedoel maar: je kan je best doen om een en ander zo goed mogelijk uit te drukken, maar uiteindelijk komt het er vaak toch op neer dat je iets zélf moet meemaken om te weten wat het is…

Dat het voorgaande qua inleiding misschien een tikje aan de wijdlopige kant lijkt te zijn, is trouwens zeer toepasselijk in dit verband. Ook Franzen neemt immers zijn tijd in Kruispunt, en de berichtgeving her en der dat twee derde van het boek – een slordige 360 pagina’s, wil dat zeggen – zich op een enkele dag in de kerstperiode van 1971 afspeelt, is een weinig bedrieglijk omdat Franzen een schrijver is die begrijpt dat een mens altijd weer de optelsom is van alle mensen die hij ooit is geweest, en die bijgevolg ongeziene hoeveelheden aandacht besteedt aan de voorgeschiedenis van zijn personages.

Juist dat ook stelt hem in staat om grote spanning op te bouwen. Waaruit heeft bijvoorbeeld ‘het debacle’ bestaan dat het leven van hulppredikant Russ Hildebrandt drie jaar geleden, in 1968 dus, danig ontwricht heeft en dat nog steeds grote gevolgen blijkt te hebben op zijn relatie met wie sindsdien zijn aartsvijand is, te weten Rick Ambrose, leider van de religieuze, aan Russ’ eigen progressieve Kerk verbonden, bepaald halfzachte maar zeer hippe jeugdvereniging Crossroads? De vraag werpt zich meteen al op aan het begin van de roman, maar zal pas omstreeks bladzijde 120 worden beantwoord. 

Het meesterlijkste werk dat hij tot nu toe publiceerde.

Dat Franzen niettemin op geen enkel moment de indruk wekt de lezer aan het lijntje te houden, heeft te maken met het feit dat hij Russ Hildebrandt in die eerste 120 bladzijden weet neer te zetten als iemand wiens leven nu ook weer niet alléén maar door het betreffende debacle van drie jaar geleden bepaald wordt: er zijn wel degelijk heel wat momenten dat hij en de lezer níét aan die affaire denken, bijvoorbeeld wanneer Russ vergaat van de overspelige, hoopvolle wellust die hij bij zichzelf vaststelt ten aanzien van de 36-jarige blonde weduwe die sinds kort tot zijn kerkgemeenschap toegetreden is.

Franzen zet met andere woorden ongezien realistische en dus wezenlijk ongrijpbare mensen neer in Kruispunt, die meer persoon dan personage zijn, en die nooit anders dan door middel van tegenstrijdigheden te kenschetsen vallen. Russ is zowel een held als een laf burgermannetje, zowel iemand die zijn best doet als iemand die in de eerste plaats het – in zijn eigen ogen – sléchte wil, zowel een man van God als een kleinzielige duivel. 

© Graham Shelby
Jonathan Franzen

Eenzelfde menselijke complexiteit typeert tevens de andere vier personages die centraal staan in grote delen van de roman. Russ’ echtgenote Marion, bijvoorbeeld, een wat slonzige, kleurloze domineesvrouw die naarmate het boek vordert te slim, te goed, te gek blijkt voor haar man – of toch ook weer niet, misschien.

Daarnaast hun beider puberzoon Perry, hyperintelligent en lijdend aan slapeloosheid totdat hij op het idee komt om van zijn pijn een deugd te maken en zijn kalmeerpillen en weed te verruilen voor een verslaving aan pepdrugs.

Perry’s iets oudere zus Becky, een populair cheerleadertype dat in de aanloop naar haar volwassen, seksuele leven zingeving probeert te vinden door zich – net als Perry, trouwens – bij de reli-groep rond pa’s grote rivaal Rick Ambrose aan te sluiten.

En dan is er nog de twintigjarige Clem, een nerd die plots de liefde ontdekt en ten gevolge daarvan, zijn vroegere pacifisme ten spijt, met zijn universiteitsstudie kapt en naar Vietnam wil om te strijden voor zijn vaderland.

Al deze mensen bevinden zich dus op een ‘kruispunt’ in hun leven, een gelijkaardig kruispunt als dat waarop blueszanger Robert Johnson volgens de legende zijn ziel verkocht aan de duivel in ruil voor talent – een kruispunt dat niet enkel de keus tussen goed en kwaad symboliseert, maar ook de veel moeilijkere keuzes die elk mens voortdurend moet maken bij het formuleren van zijn eigen definitie van wat goed of kwaad nu eigenlijk, in de specifieke situatie van het hier en nu, juist betekent of inhoudt… 

Franzen zet ongezien realistische en dus wezenlijk ongrijpbare mensen neer.

Is hiermee het antwoord gegeven op de vraag wat Crossroads zo meesterlijk maakt? Nee, dat antwoord is gelegen in de stijl en in het vakmanschap van Franzen, in de duizelingwekkende compositie van het boek en in zinnen als ‘Zijn haat jegens Ambrose was een boetekleed, een rol prikkeldraad om zijn borst, die hem deed lijden en hem in zijn lijden dichter bij God bracht.’

Maar zulke zinnen zijn er veel te veel om op te noemen, dus eindig ik noodgedwongen met: neem het beste boek dat je het afgelopen jaar gelezen hebt, en vermenigvuldig het plezier dat je eraan beleefd hebt met tien. Het resultaat daarvan zal Kruispunt van Jonathan Franzen je schenken. 

Christophe Vekeman

Kruispunt van Jonathan Franzen is verschenen bij Prometheus
uit het Engels vertaald door Peter Abelsen

Pompidou

Klara’s dagelijkse ontmoeting met de wereld van de kunst. Chantal Pattyn en Nicky Aerts brengen uiteenlopende gasten rond de tafel onder het motto ‘Alles voor de kunst!’

Presentatie: Chantal Pattyn / Heleen Debruyne

Samenstelling: Chantal Pattyn

Contact: via de reageerknop in de Klara-app of via pompidou@klara.be

Van maandag tot en met donderdag, telkens van 17 tot 18 uur op Klara, klara.be en de Klara-app.
Nadien is de uitzending nog 2 weken lang te herbeluisteren via de site en de app.