Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Christophe Vekeman leest Julian Barnes

Christophe Vekeman leest Julian BarnesKunst & Cultuur

Een nieuw boek van de Britse schrijver Julian Barnes is altijd een feest. Al moet Christophe Vekeman toegeven dat hij er dit keer niet helemaal kapot van is.

De nieuwe roman van Julian Barnes gaat over een intellectueel hoogstaande, erudiete vrouw

De nieuwe roman van Julian Barnes heet Elizabeth Finch, en het is niet uitgesloten dat die titel sommigen zal doen denken aan Elisabeth Costello, het boek dat J.M. Coetzee publiceerde een maand of wat voordat hij in 2003 de Nobelprijs Literatuur kreeg toegekend.

Dat die eer ook Barnes ooit te beurt zal vallen, is heel goed mogelijk, want de Engelse schrijver van onder meer Flauberts papegaai, Een geschiedenis van de wereld in 10½ hoofdstuk en Alsof het voorbij is wordt door de meeste lezers van stand niet zomaar als een goed, maar als een groot schrijver aanzien. Ook door mij, trouwens, zoals in het verleden mocht blijken toen ik werk van Barnes besprak in Pompidou. En ook Elizabeth Finch, zo haast ik mij te zeggen, is wederom een prima roman. Maar ik ben er toch niet kapot van.

Net als de Elisabeth van Coetzee is ook die van Barnes een intellectueel hoogstaande, erudiete vrouw, maar zo beroemd als schrijfster Costello is Finch uitdrukkelijk niet: ze geeft les aan volwassenen, en het is in die context ook dat Neil, de reeds tweemaal gescheiden ik-figuur van de roman, haar leert kennen, waarbij de iets oudere dame hem onmiddellijk vervuld met grenzeloze fascinatie, die overigens door het gros van zijn medeleerlingen gedeeld wordt.

Finch, die ‘Cultuur en beschaving’ doceert, is er naar eigen zeggen ‘om jullie te assisteren bij het nadenken, het redeneren en het ontwikkelen van een onafhankelijke geest’, en inderdaad is zij een vrouw die weet wat een provocatie waard is, zoals bijvoorbeeld blijkt wanneer zij haar studenten aanbeveelt de tafelgesprekken van Hitler te lezen.

Maar wat haar echt – en de verliefderige Neil wikt zijn woorden – de vergelijking met ‘een klassieke godin’ doet doorstaan, die ‘buiten de tijd’ leek te vertoeven, ‘of erboven misschien wel’, is haar stoïcisme: ‘Ik heb nooit iemand gekend die minder met zichzelf begaan was als Elizabeth Finch.’

Vaak benadrukt hij hoezeer zij een hekel had aan zelfmedelijden, wat uiteraard, dat vind ik zelf eveneens, een prachtige kwaliteit is, want de wereld gaat aan zelfmedelijden ten onder, maar het curieuze is dat dit haar in de ogen van de lezer – niet in die van Neil – tezelfdertijd iets kils verleent, en daarbij iets onrealistisch of ongeloofwaardigs – misschien heeft ze toch iets van een godin weg, ja: je kan in haar geloven of niet.

Foto © Alan Edwards
Julian Barnes

Het maakt haar tot een personage dat voortdurend in de gedachten van de lezer ter discussie staat: hoe meer Neil de loftrompet over haar steekt, de ‘glans van haar bewoordingen, de luister van haar brein’ probeert te eren en haar middels zinnen als ‘ze zei dingen, je begreep ze niet, maar ze bleven je wel bij, en pas jaren later bleek de zin ervan’ tracht te tooien met de gouden kroon van een orakel of een profetes, hoe vaker ik eerlijk gezegd in de verleiding kwam aan haar te denken als aan een veellezende dorpspastoor met een soort Oscar Wildecomplex.

Acteren noemt zij ‘het volmaakte voorbeeld van kunstmatigheid die authenticiteit tot stand brengt’, het leven is ‘noodzakelijk en ook onontkoombaar’, ‘foute antwoorden zijn er niet, ook al zijn alle antwoorden fout’, de ‘voornaamste functie van een politicus is teleurstellen’ et cetera: het is aan de lezer om Neil al dan niet gelijk te geven en achter het rookgordijn van deze toch nogal mistige wijsheden, die door Elizabeth aan de lopende band gespuid worden, al dan niet een uniek grote geest te vermoeden. En daarmee raken we meteen ook aan het thema van dit boek, tevens misschien het kernthema van Barnes volledige oeuvre: je leven is een verhaal dat door iedereen die je kent of ooit gekend heeft op een andere manier wordt verteld en dat dus sowieso in los zand staat geschreven.

De mengeling van fictie en essayistiek maakt van Elizabeth Finch een typisch Barnesboek.

In Elizabeth Finch komt dat laatste ook tot uiting in de geschiedenis van Julianus de Afvallige. Bij haar dood laat Elizabeth al haar boeken en notities na aan Neil, die zich in de loop der decennia immers ontpopt heeft tot een vriend van zijn voormalige lerares, en dan pas blijkt hem hoezeer zij altijd obsessief geïnteresseerd geweest is door deze Romeinse keizer die in de vierde eeuw het christendom te vuur en te zwaard zou hebben bestreden en wiens laatste woorden, toen hij door een speer geraakt was op het slagveld, volgens Swinburne tot Jezus Christus zouden zijn gericht: ‘Gij hebt overwonnen, o bleke Galileeër’.

Maar die laatste woorden, leren wij, zijn maar weinig plausibel – net als theologen en historici zijn ook dichters vaak ‘uitstekende romanschrijvers’ –, en overigens staat zelfs niet vast of Julianus wel echt zo’n meedogenloze slachter en achtervolger van de Christenen was als later door velen aangenomen werd.

Kortom: ‘Ik dacht aan Julianus, hoe hij door de eeuwen was bezien en opnieuw bezien, als iemand die in verschillend gekleurde schijnwerpers over een toneel loopt.’ Opnieuw is het aan de lezer om dit interessant te vinden of niet, al hebben zij die er totaal geen boodschap aan hebben wel pech, want een derde van dit tweehonderd pagina’s tellende boek bestaat uit een compleet essay dat Neil zich na Elizabeths dood en op basis van haar papieren erfenis verplicht ziet over Julianus bij elkaar te pennen. Ook deze mengeling van fictie en essayistiek maakt van Elizabeth Finch een typisch Barnesboek, dat de grote fans dankbaar zal stemmen, maar dat tegelijkertijd wel door niemand, naar ik aanneem, ter introductie aan nog tot de Barnesdienst te bekeren lezers aangeraden zal worden.

Christophe Vekeman

Elizabeth Finch van Julian Barnes is verschenen bij Atlas Contact
Uit het Engels vertaald door Ronald Vlek

 

Pompidou

Klara’s dagelijkse ontmoeting met de wereld van de kunst. Chantal Pattyn en Heleen Debruyne brengen uiteenlopende gasten rond de tafel onder het motto ‘Alles voor de kunst!’

Presentatie: Chantal Pattyn / Heleen Debruyne

Samenstelling: Chantal Pattyn

Contact: via de reageerknop in de Klara-app of via pompidou@klara.be

Van maandag tot en met donderdag, telkens van 17 tot 18 uur op Klara, klara.be en de Klara-app.
Nadien is de uitzending nog 2 weken lang te herbeluisteren via de site en de app.