Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
De Russische lijstjes: Russische dirigenten en solisten van weleer

De Russische lijstjes: Russische dirigenten en solisten van weleerKlassieke muziek

Bart Tijskens, muzieksamensteller bij Klara, stelde voor u dit lijstje met tien Russische dirigenten en solisten van weleer samen.
© VRT rr

Archieffoto van David Oistrakh

David Oistrakh (1908-1974)

In 1937 won violist David Oistrakh in Brussel de Internationale Muziekwedstrijd Eugène Ysaÿe (de latere Koningin Eisabethwedstrijd) en hij werd zo de eerste Russische violist die in het Westen doorbrak. Met zijn unieke klank, zijn schitterende – maar nooit gratuite – virtuositeit en diepzinnige stijl, was hij een machtig vertolker van het ijzeren repertoire uit de klassieke en romantische periode. Tegelijk droegen heel wat vrienden-componisten ook sonates en concerto’s aan hem op. We noemen er hier maar enkele: Dmitri Sjostakovitsj, Sergej Prokofjev en Aram Katsjatoerian.

Mstislav Rostropovitsj (1927-2007)

Nog zo’n reus. Mstislav Rostropivitsj – ‘Slava’ voor de vrienden - was zonder twijfel een van de beste en meest invloedrijke cellisten van de twintigste eeuw. Hij werd beroemd voor zijn doorleefde en bewogen interpretaties , maar ook voor het feit dat hij vele componisten inspireerde voor het schrijven van sonates en concerto’s voor de cello. Op die manier breidde hij het repertoire voor de cello uit met meer dan honderd werken! En die componisten waren niet bepaald de minsten: Benjamin Britten, Leonard Bernstein, Dmitri Sjostakovitsj, Sergej Prokofjev, Henri Dutilleux, Olivier Messiaen, Witold Lutoslawski en zovele anderen. Trouwens, de echtgenote van Rostropovitsj, Galina Visjnevskaja (1926-2012) was een beroemde Russische sopraan, die veel met haar man optrad, tijdens recitals, maar ook in opera’s.

Sviatoslav Richter (1915-1997)

Het is bijna onmogelijk om het belang en de klasse van dit genie, dat zijn hele leven met raadsels en geheimen leek te zijn omhuld, in enkele zinnen te schetsen. Richter studeerde in Moskou bij de grote pianist en pedagoog Heinrich Neuhaus. En alhoewel Neuhaus erg beroemde leerlingen in zijn klas had, waaronder Emil Gilels en Radu Lupu, verklaarde hij dat hij aan Richter, een leerling-genie waar hij altijd op had zitten wachten, bijna niets had kunnen leren. Als Sviatoslav Richter aan de piano zat, leken creëren en uitvoeren samen te vallen; het was alsof hij de muziek ter plekke uitvond. Richter musiceerde graag voor een publiek, maar hij had een grondige hekel aan het officiële concertleven, met alles wat daarbij hoorde. Tijdens de laatste jaren van zijn leven speelde hij dan ook dikwijls, zijn komst nauwelijks enkele dagen op voorhand aankondigend, in kleine steden en dorpen, in bescheiden, voor het grootste deel verduisterde zaaltjes, met enkel een kleine lamp die de partituur bescheen. Wie het geluk had een van zulke concerten bij te wonen, zal dat wellicht de rest van zijn leven nooit vergeten.

Evgeny Mravinsky (1903-1988)

Tijdens concerten en opnames toonde dirigent Evgeny Mravinsky zijn uitzonderlijke technische controle over het Filharmonisch Orkest van Leningrad, het orkest dat hij vijftig jaar lang, van 1938 tot 1988, zou leiden. Zijn verschijning en stijl waren, in al hun strengheid en soberheid, uitermate imponerend. Hij dirigeerde met kleine, heldere gebaren, dikwijls zonder dirigeerstokje, maar het klankresultaat was vaak huiveringwekkend. Dat was bijvoorbeeld zo in de immense symfonieën van zijn vriend Dimitri Sjostakovitsj. Mravinsky zou van zes symfonieën van Sjostakovitsj de wereldpremière dirigeren: van de nummers 5, 6, 8, 9, 10 en 12.

Evgeny Svetlanov (1928-2002)

Deze dirigent, componist en pianist had één groot doel in zijn leven: het uitvoeren en op plaat opnemen van alle Russische orkestmuziek, van Mikhail Glinka tot en met de belangrijkste werken van de 20e eeuw. En hij is er nog bijna in geslaagd ook, daarvan getuigen zijn honderden platen en cd’s, uitgegeven door verschillende maatschappijen. Svetlanov was lange tijd de technisch begaafde, soms ook wat flamboyante chef-dirigent van het Staats Symfonieorkest van de USSR en aan het Bolshoi Theater, maar hij werkte later ook in het Westen, in Londen, Den Haag en Zweden.

Fjodor Sjaljapin (1873-1938)

Deze operazanger groeide uit tot een van de beroemdste bassen uit de muziekgeschiedenis. De samenwerking met Rachmaninov was erg belangrijk voor de carrière van Sjaljapin, die nauwelijks enige officiële opleiding had genoten. Hij schitterde, vaak in het Bolshoi Theater, in de rollen van Boris Godoenov en Ivan de Verschrikkelijke. Vooral met de diepte van zijn stem maakte hij een onuitwisbare indruk, en ook zijn muzikale vertolkingen en levendige acteerstijl werden alom geprezen. Zijn talrijke tot de verbeelding sprekende plaatopnames gaven hem de allure van een onvervalste wereldster.

Emil Gilels (1916-1985)

Gilels, een van de allergrootste pianisten van de 20e eeuw, was de eerste muzikant die van de sovjet-autoriteiten veelvuldig naar het Westen mocht reizen voor concerttournees en plaatopnames. De opnames van de Beethoven-sonates voor Deutsche Grammophon – nog altijd een van de absolute referenties – heeft hij helaas niet kunnen voltooien. In 1985 overleed Emil Gilels, na een (wellicht stuntelig uitgevoerd) medisch onderzoek in een ziekenhuis in Moskou. Gilels speelde met een schitterende technische controle en een gloedvolle stijl. Centraal in zijn repertoire stonden, naast Beethoven, de werken van Brahms, Schubert en Schumann, maar evengoed van Prokofjev, Bartok en Debussy.

Kirill Kondrasjin (1914-1981)

In 1943 werd Kondrasjin benoemd aan het Bolshoi Theater waar hij dertien jaar lang werkte aan de verbetering van het repertoire en de kwaliteit van de uitvoeringen. Maar in 1956 verliet hij de operawereld omdat hij zich meer aangetrokken voelde tot het symfonische repertoire. Belangrijk was het jaar 1979: toen vroeg Kondrasjin tijdens een tournee in Nederland waar hij het Concertgebouworkest dirigeerde, om politiek asiel. Kondrasjin was een bescheiden kunstenaar voor wie de muziek op de eerste plaats kwam; tegelijk was hij een perfectionist, die zeer veel van zijn orkest eiste. Van zijn goede vriend Sjostakovitsj nam hij alle symfonieën op: een integrale die nog altijd bij de top drie van beste uitvoeringen gerekend mag worden.

Vladimir Horowitz (1903-1989)

Deze ‘laatste romanticus’, zoals hij wel eens genoemd werd, werd geboren in Kiev, maar hij bracht een groot deel van zijn leven en carrière door in de Verenigde Staten. De radio-uitzendingen van zijn talrijke recitals in Carnegie Hall hielden heel Amerika aan de radio gekluisterd. Horowitz was een pianist met een werkelijk fabelachtige en verbluffende techniek, maar het was ook een artiest die vaak overvallen werd door twijfel en onzekerheid. Zo besloot hij in 1953, uitgeput door het veeleisende leven van een concertpianist, het podium vaarwel te zeggen. Twaalf jaar later keerde hij er terug, met opnieuw stormachtige successen en lovende kritieken als gevolg. In 1986 maakte hij op hoge leeftijd nog een concertreis naar zijn geboorteland dat hij 60 (!) jaar eerder de rug had toegekeerd. Dat leidde tot heel wat heftige emoties bij de Russische muziekliefhebbers, en bij Horowitz zelf.

Gennadi Rozhdestvensky (1931-2018)

Deze grote Russische dirigent, die dit jaar overleed, heeft wereldwijd de belangrijkste orkesten geleid in voornamelijk Russische muziek. Zijn repertoire was enorm uitgebreid en ging van laatromantisch tot 20e-eeuws, en hij leidde ook heel wat wereldpremières, vooral van werken van Prokofjev en Sjostakovitsj. Rozhdestvensky was een veelzijdig dirigent met een enorme culturele bagage. In de tijd van de Sovjet-Unie maakte hij ook talrijke opnames met de toen leidende solisten zoals Sviatoslav Richter, Mstislav Rostropovitsj en David Oistrakh, namen die al eerder in dit lijstje opdoken. In 1969 huwde Rozhdestvensky met pianiste Viktoria Postnikova. Samen maakten ze plaatopnames van de pianoconcerto’s van Tsjaikofski.

Bart Tijskens, muzieksamensteller bij Klara

Tsjaikovski

Vijf dagen lang droomt Klara voor u een winterse trip naar Sint-Petersburg met de mooiste muziek van P.I. Tsjaikovski en tijdgenoten.

Pjotr Iljitsj Tsjaikovski stierf 125 jaar geleden op 53-jarige leeftijd in Sint-Petersburg. Hij was leraar aan het conservatorium daar en reisde veel. Er is heel wat mythevorming rond bepaalde issues uit zijn leven. Samen met musicoloog, prof. Françis Maes (UGent) komen we tot de ware toedracht. Niet zonder in te zoemen op de culturele metropool dat Sint-Petersburg in die jaren was.

Wanneer: van donderdag 27 t.e.m. maandag 31 december 2018

Contact: via de reageerknop in de Klara-app of peter@klara.be