Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Händel - La Rezurrezione - Combattimento Consort Amsterdam

Händel - La Rezurrezione - Combattimento Consort AmsterdamBlijf verwonderd!

Uitvoerders: Nancy Argenta, sopraan (Angelo); Maria Christina Kiehr, sopraan (Maddalena); Marijana Mijanovic, mezzosopraan (Cleofe); Marcel Reijans, tenor (Giovanni); Klaus Mertens, bariton (Lucifero); Combattimento Amsterdam o.l.v. Jan Willem de Vriend Label: Challenge CCDVD 72159
Händel - La Rezurrezione - Combattimento Consort Amsterdam

Händel - La Rezurrezione - Combattimento Consort Amsterdam

Programma: George Frideric Handel: La Resurrezione HWV 47

La Resurrezione is één van de minst bekende oratoria van Händel, en dat is jammer. Voor zover ik kan nagaan kent het werk maar zes uitvoeringen, waaronder die uit 2002 van het fris-anarchistische Amsterdamse Combattimento Consort (CC 72120). Combattimento brengt diezelfde opname nu ook op DVD uit (CCDVD 72159), met daarop de registratie van het oorspronkelijke concert, alsook een interessante documentaire waarin ensembleleider Jan Willem de Vriend zijn passie voor Händel belijdt. Wie Händel enkel waardeert voor zijn Engelse oratoria met megakoren en eindeloze da capo aria’s, vergeet dat de Brit ook een korte Italiaanse periode aan het begin van zijn carrière had, waarin hij veel gebaldere cantates en oratoria schreef. Voor paasdag 1708 wou kunstmaecenas Francesco Maria Ruspoli, Händels Romeinse broodheer, een grootschalig oratorium in zijn paleis, en hij engageerde Händel als componist, Corelli als dirigent, en Carlo Sigismondo Capece (hofpoëet van de Poolse koningin Casimira) als librettist. Die laatste schreef een boeiend verhaal over de drie dagen tussen de kruisiging van Christus en diens heropstanding op Pasen, waarin Jezus ter helle neerdaalt om er de kerkvaders en profeten te verlossen (cf. de betreffende regel uit de katholieke geloofsbelijdenis, “die neergedaald is ter helle” – nu weet u meteen wat Jezus in de hel ging doen). Een en ander wordt door Capece in een aantal dialogen op twee niveaus verteld: het niveau van de stervelingen, met Maria Magdalena , Maria Cleofas en Johannes de Doper (resp. een sopraan-, een alt-, en een tenorrol), en dat van de onderwereld, waarin Lucifero (bas) door een engel (een hoge sopraan) op de hoogte gebracht wordt van Christus’ uiteindelijke overwinning. Händel kreeg voor het oratorium de vijf beste zangers en 45 (!) uitstekende muzikanten ter beschikking, die hij aanwendde in een veellagige en kleurrijke partituur. Het geheel is een meesterlijk en, naar Händels normen, uiterst fijnzinnig juweel, dat om onbegrijpelijke redenen in vergetelheid geraakte (totdat in 1960 de revisies teruggevonden werden die Händel na de eerste repetitie aanbracht). Het Combattimento Consert roeit al bijna 25 jaar tegen de stroom in door barokmuziek volgens barokke uitvoeringsprincipes consequent op moderne instrumenten te spelen. Dat anarchisme werpt vruchten af: de Händel van Combattimento heeft de opwinding en wendbaarheid van de authentieke referentieopnames (die van Hogwood uit 1982), maar steekt zijn concurrenten (zeker in de trage aria’s) naar de kroon qua kleur en contrastwerking in de obligato instrumenten. Wat Combattimento dan weer mist, de ruigheid van een ontketend barokorkest in de tutti, wordt deels gecompenseerd met baroktrompetten. Deze opname wordt nog opwindender door twee topsolisten: Maria Christina Kiehr tast de emotionele grenzen van haar aria’s af, en de van oorsprong Servische alt Marijana Mijanovic – één van de revelaties in Minkowski’s Brusselse Giulio Cesare een paar jaar terug –, geeft levensgroot gestalte aan Maria Cleofas met haar volle, kleurrijke alt. Helaas passen niet alle solisten even goed in het plaatje: Nancy Argenta is te oud en te glansloos als engel, de bronsgevooisde Klaus Mertens te weinig diabolisch en malicieus voor een geloofwaardige Lucifero. Marcel Reijans, tenslotte, draait de mooiste aria uit de barok, Ecco il sol, vakkundig de nek om met te grote gebaren en misplaatste ornamenten. Een lastige keuze dus: deze Resurrezione met het Combattimento Consort voor alles wat authentieke instrumenten niet kunnen, of de opwindende Hogwood uit 1982 (L’Oiseau Lyre 421 132-2), met z’n engelachtige Emma Kirkby en de onovertroffen Ian Partridge, die van Ecco il sol écht de mooiste aria uit de barok maakt…

Stefan Grondelaers

Klara's oordeel