Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Huiveringwekkend knap en onrustig makend

Huiveringwekkend knap en onrustig makendKunst & Cultuur

Nadat hij zich weken onledig hield met middelmatige boeken, stootte Christophe Vekeman eindelijk nog eens op een meesterwerk.

Olivier Guez, De verdwijning van Josef Mengele, Meulenhoff

Sommige titels laten aan duidelijkheid echt niet veel te wensen over, en 'De verdwijning van Josef Mengele' is zelfs een vlag die de lading op welhaast volmaakte wijze dekt: het desbetreffende boek – de nieuwe roman van de Franse, in 1974 geboren Olivier Guez – gaat over, jawel, de verdwijning van Josef Mengele. Meer bepaald volgen wij hem vanaf zijn aankomst, onder de schuilnaam Helmut Gregor, in Argentinië in 1949, nadat hij drie jaar lang onder weer een andere naam in de buurt van zijn geboorteplaats Beieren aardappelen gesorteerd en hooigras gemaaid heeft, tot aan zijn dood in Brazilië op 68-jarige leeftijd in 1979.

Mengele zou de geschiedenis ingaan als de ‘Engel des doods’, als de ultieme ‘bewaker van het zuivere ras’, en vooral als de ‘alchemist van de nieuwe mens’. In die hoedanigheid voerde de folterdokter tussen mei 1943 en januari 1945 in het concentratiekamp van Auschwitz onvermoeibaar de gruwelijkste experimenten uit op Joden die hij op die manier, zoals hij op een bepaald moment in het boek tot zijn verdediging ten aanzien van zijn zoon aanvoert, uitstel van executie verleende. ‘Menselijk materiaal’, immers, dat voor zijn proefnemingen níét geschikt leek te zijn, werd vaak linea recta naar de gaskamers verwezen.

Met het oog op het produceren van übermenschen ging de speciale aandacht van de arts naar tweelingen uit: mocht hij het geheim van de meergeboorte kennen en kortom weten hoe die in de hand kon worden gewerkt, dan zou de verspreiding van het Arische ras over de wereld uiteraard veel vlotter in zijn werk gaan. Daarbij was hij overigens niet geheel en al gespeend van gevoel: zijn teleurstelling bijvoorbeeld, zoals die een keer tot uiting kwam toen een door hem behandelde vrouw geen tweeling maar slechts één kind bleek te dragen, welk kind hij hierop woedend uit de baarmoeder trok en in het vuur gooide, moet enorm zijn geweest…

Uit Mengeles buik wordt op een bepaald moment een indrukwekkende haarbal gehaald.

Maar goed, Guez focust in zijn roman als gezegd voornamelijk op de naoorlogse jaren van Mengele, en schetst knap hoe die samen met zijn collega-nazi’s een tijdlang gastvrij onderdak vindt in het Argentinië van Perón, die in zijn verlangen om een Vierde Rijk te stichten ‘een reusachtige recyclingoperatie op touw’ zette: hij wilde ‘de geschiedenis sturen, met het afval van diezelfde geschiedenis’.

Het loopt echter allemaal af met een sisser, en vanaf eind 1953 moet Mengele aan de kost komen als – uiteraard illegaal – aborteur. Hij ontmoet Eichmann, de zogenoemde ‘architect van de holocaust’, in wiens ogen hij een beul is, ‘een kleintje’, werkvolk als het ware, maar van wie de terechtstelling in 1962 Mengele niettegenstaande zwaar aangrijpt: de droom om Duitsland te heroveren, die altijd levend is gebleven onder de fascistische bannelingen, verschimt nu definitief tot een naïeve utopie van het verleden.

Van dan af verandert Mengele, terwijl dankzij figuren als nazijager Simon Wiesenthal zijn mythische status van ‘ongrijpbare moordenaar’ alsmaar groeit, in een ziekelijk, dodelijk nerveus en vroegoud wrak, uit wiens buik op een bepaald moment door een arts ‘een indrukwekkende haarbal’ gehaald wordt. ‘Doordat hij altijd op zijn snor kauwt, hebben de haren een bal gevormd en uiteindelijk de doorgang geblokkeerd.’ Trouwens, die snor, door hemzelf hoogst afgrijselijk bevonden, liet hij staan om een potentieel verraderlijk fysiek kenmerk te verdoezelen. Het gezicht van het kwaad, namelijk, had een spleetje tussen de voorste tanden…

De taal van Guez is krachtig en fraai

'De verdwijning van Josef Mengele' is terecht afstandelijk en strak geschreven, wat niet betekent dat er in literair opzicht niets te beleven zou vallen, want de taal van Guez is krachtig en fraai, en de afwezigheid van stilistische tierelantijnen zorgt er bovendien voor dat niets de aandacht afleidt van wat de ijskoude kern van het boek lijkt te zijn: de martelgekke nazidokter Mengele hield van klassieke muziek, van ronde vrouwenbillen, kent heimwee en verlangens, voelt zich doorlopend eenzaam, stamelt, stottert en snottert soms, heeft sympathieën en antipathieën, lijdt onder zijn angsten en zijn nood aan liefde, en zou met andere woorden net als u en ik zijn mocht het hem niet ontbreken aan wat hij zelf als de joods-christelijke ondeugd bij uitstek beschouwt, te weten medelijden.

Daarom is het ook zo goed dat dit biografische boek een roman is en geen biografie: door ook en vooral de ‘menselijke’ en herkenbare kanten, gedachten en gevoelens van Josef Mengele te belichten – door dus gebruik te maken van de vrijheid die de fictie biedt –, weet Guez Mengele dichter bij ons te brengen, en ons dichter bij hem, dan een non-fictiewerk ooit zou kunnen. Een huiveringwekkend knap, onrustig makend boek.

Christophe Vekeman

'De verdwijning van Josef Mengele' van Olivier Guez is verschenen bij Meulenhoff
Uit het Frans vertaald door Saskia Taggenbrock en Geertrui Marks

 

 

Pompidou

Klara’s dagelijkse ontmoeting met de wereld van de kunst. Chantal Pattyn en Nicky Aerts brengen uiteenlopende gasten rond de tafel onder het motto ‘Alles voor de kunst!’

Presentatie: Chantal Pattyn / Nicky Aerts

Samenstelling: Vincent Goris

Contact: via de reageerknop in de Klara-app of via pompidou@klara.be

Van maandag tot en met donderdag, telkens van 17 tot 18 uur op Klara, klara.be en de Klara-app.
Nadien is de uitzending nog 2 weken lang te herbeluisteren via de site en de app.

En Pompidou kan ook gedownload worden als podcast. Zo kan u een uitzending steeds bewaren voor later.

Klik hier en bekijk wat Pompidou te bieden heeft op Facebook
Klik hier en bekijk wat Pompidou te bieden heeft op Instagram