Ga naar hoofdinhoud

Luister Live

Ben Van Beneden neemt afscheid van het Rubenshuis: 'Schilderijen met een verhaal blijven kleven bij het publiek'

Door Pompidou
1 maand geleden
09:46 min
Volgende fragmenten:

Ben Van Beneden, jarenlang directeur van het Rubenshuis in Antwerpen, gaat met pensioen en wordt opgevolgd door Bert Watteeuw. In Pompidou blikte Van Beneden terug op zijn leven in het Rubenshuis.

'Het Rubenshuis maakte een beetje een stoffige, ongeïnspireerde indruk op me', vertelt hij aan Heleen Debruyne, 'En ik heb me vooral georiënteerd op de collectie. Om te beginnen moet je er voor zorgen dat je collectie in goede staat is, en dan mag je beginnen met de topstukken, zoals het zelfportret van Rubens. En natuurlijk het huis zelf. Het Rubenshuis is een reconstructie uit het midden van de 20ste eeuw, maar er zijn belangrijke oorspronkelijke onderdelen bewaard gebleven die door Rubens zijn ontworpen. Die zijn de voorbije jaren gerestaureerd en daar hebben we een Europese prijs voor ontvangen.'

Is het voor een Vlaams museum als het Rubenshuis nog mogelijk om de collectie aan te vullen, als je weet dat er op een overspannen kunstmarkt hallucinante prijzen geboden worden voor oude meesters, vraagt Heleen Debruyne zich af.

'Dat is lastig om meerdere redenen', erkent Ben Van Beneden. 'Krappe aankoopbudgetten. En het hele systeem van legaten, schenkingen, mecenaat is in Vlaanderen veel minder ontwikkeld dan in de ons omringende landen. Dat maakt dat het voor een Vlaams museum erg moeilijk is om op de internationale markten te opereren.'

Van Beneden ontwikkelde een creatief antwoord op die situatie. Het Rubenshuis zette de voorbije jaren in op bruiklenen. Zo kon het Rubenshuis in 2013 als eerste een zeldzame voorstudie van Anthony Van Dyck tonen, die ontdekt werd in het BBC-programma Antiques Roadshow. Het overschilderde werk was ooit aangekocht door de Engelse priester Jamie MacLeod. Onder het banale portret kwam een authentieke Van Dyck tevoorschijn. Na een bezoek aan de grote kunstveilingen in Londen, ving Van Beneden op zijn terugreis toevallig een gesprek op tussen enkele passagiers over het schilderij. Hij begreep dat hij met de nieuwe eigenaar van het werk op de trein zat, en is hem in het station van Rijsel achterna gelopen. Na die eerste toevallige ontmoeting vond hij de eigenaar al snel bereid om het werk uit te lenen aan het Rubenshuis.

Een mooi verhaal, waarop Van Beneden met plezier terugblikt in Pompidou: 'Niet alle bruiklenen hebben zo'n verhaal in zich. En je mag er niet vies van zijn om zo'n verhaal uit te spelen in de media. Het laat heel goed zien welke geschiedenis een kunstwerk doormaakt.'

 

Gerelateerde artikelen

Gerelateerde Programma's