Ga naar hoofdinhoud

Luister Live

Home

Luister

Klara Select

Pompidou

Tom lanoye over zijn nieuwe roman ik wil altijd een great flemish novel schrijven maar het lukt nooit

Tom Lanoye over zijn nieuwe roman: “Ik wil altijd een Great Flemish Novel schrijven, maar het lukt nooit”

Door Pompidou
Bannerafbeelding voor fragment

2 maanden geleden

35 min

Al een tijdje zat schrijver Tom Lanoye te kauwen op het idee om een roman over de Tweede Wereldoorlog te schrijven, maar hij bleef wachten op de uiteindelijke duw in de rug. Een tijd geleden stapte hij de Ida Wassermanfoyer binnen in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag en ontdekte er het verhaal over de draaischijf. Deze mobiele constructie was ten tijde van Das Deutsche Theater in den Niederlanden (opgericht door de Duitse bezetter tijdens WO II) op het podium gemonteerd. Op dat moment voelt hij jaren onderzoek als puzzelstukjes in elkaar vallen. De draaischijf wordt de titel van Lanoyes verhaal over de collaboratie in Antwerpen tijdens WO II. Geen verhaal over een draaiende schijf op het podium, wel over de Antwerpse toneelmaker en acteur Alex Desmedt, gebaseerd op Joris Diels, die schippert tussen zijn Joodse vrouw Lea en zijn nazigezinde broer Rik, en zo, aldus Lanoye, zelf de draaischijf wordt.

Ook al haalt hij zijn inspiratie bij bestaande personen, toch mogen we het boek niet als documentair werk beschouwen. Tussen de vele naslagwerken die Lanoye verorberde zat ook 1942. Het jaar van de stilte van Herman Van Goethem, rector aan de Universiteit Antwerpen. Het boek beschrijft uitvoerig de oorlogssituatie in Antwerpen in het vergeten jaar 1942, waaronder de collaboratie tussen het stadbestuur en de Duitse bezetter.  Lanoye werd een tiental jaar geleden bij hem uitgenodigd samen met schrijver Jeroen Olyslagers om te praten over Van Goethems onderzoek naar de razzia’s tijdens WO II: “Wij zijn daarna nog iets gaan eten, maar met heel veel stiltes.” Lanoye gebruikte dit werk, net als veel andere werken over de oorlogstijd, als inspiratiebron voor zijn eigen roman: “Eigenlijk is dat voor alle drie toch een soort van zelf opgenomen taak geworden. Er zijn nu drie boeken uitgekomen: 1942. Het jaar van de stilte van Herman Van Goethem, wat ik een indrukwekkend boek vind, Wil van Jeroen Olyslaegers, en dan nu het derde. Ik heb er het langst aan geschreven, maar het mijne is wel het dikste”, lacht Lanoye. Opmerkelijk is dat Jeroen Olyslaegers in Wil zijn hoofpersonage, hulpagent en dichter, ook laat schommelen tussen collaboratie en verzet in diezelfde oorlog.

Hij bekritiseert in zijn roman de Antwerpse collaborateur dan ook als opportunist: “In Vlaanderen is het altijd een soort van ‘soldat Schwejk’, die als het kan mee vooraan op het podium staat, en als dan blijkt dat het achterdoek scheurt, opeens zegt: “Ja maar, ik wist het niet.” Dus ik zocht dat soort van figuur, maar wel iemand waarvoor je sympathie kan hebben.” Verder probeert Lanoye een aantal historische figuren te eren in zijn werk door ze als inspiratie te gebruiken voor zijn personages. Zo is er de figuur van Ida Wasserman, Joodse actrice uit Den haag die in De draaischijf in het lichaam van Lea Liberman kruipt, de vrouw van Alex Desmedt. Ook draagt Lanoye zijn boek op aan de Joodse Lon Landau, de eerste officiële decor- en kostuumontwerper van de Koninklijke Nederlandse Schouwburg in Antwerpen (vandaag de Bourlaschouwburg). Hij werd opgepakt en gedeporteerd.

Fascinerend is de relatie tussen oorlog en kunst die ook een rode draad vormt binnen het boek: “De ideologie van de nazi’s moest gedragen worden door kunst”, aldus Lanoye.  Vooral de rol van theater en theaterspelen treedt op de voorgrond. Zo reduceert Lanoye de bijeenkomsten van SS-Vlaanderen, waar de broer van het hoofdpersonage gretig aan deelneemt, en de uniformdracht tot een vorm van theater: “Een boek over toneel, in het toneel, door het toneel, met toneel.” Dat kunst en nazisme nog raakvlakken hebben, blijkt volgens Lanoye naast de schilderambities van Hitler ook uit de overname van de Romeinse groet uit het theater van de 17e-18e eeuw. De fascisten en de nazi’s eigenden zichzelf de groet toe “alsof ze het zelf uitgevonden hadden”, aldus Lanoye.

Gerelateerde artikelen

Gerelateerde Programma's