Ga naar de inhoudLuister live op radioplus
Nu op Klara:

Weg ermee!

Weg ermee!Kunst & Cultuur

Christophe Vekeman wou koste wat kost 'Weg' van Bill Beverly lezen, een literaire thriller. Viel dat even tegen.
Bill Beverly, Weg, De Geus

Bill Beverly, Weg, De Geus

Soms wekken wervende woorden op zij- of achterflap van een boek weinig meer dan de achterdocht op, en dat was ook enigszins het geval bij mij toen ik het romandebuut van Bill Beverly (1965) ter hand had genomen, een boek dat in het Amerikaans 'Dodgers' getiteld is en in het Nederlands 'Weg'. Zo is er onder meer sprake van een ‘schitterende misdaadroman’ die sterk doet denken aan The Catcher In The Rye, zijnde dus de evergreen van J.D. Salinger die zo ver van een misdaadroman, schitterend of niet, afstaat als op deze wereld maar mogelijk is. Vanwaar dus de vergelijking? Wellicht omdat de hoofdfiguur van 'Weg', East geheten, niet meer dan twee jaar jonger is dan Holden Caulfield

De vergelijking met On The Road dan weer, een andere klassieker uit de Amerikaanse literatuur en al evenmin een misdaadroman als The Catcher In The Rye of pakweg de jongste dichtbundel van Leonard Nolens, berust overigens op eenzelfde oppervlakkige benadering, en wordt alleen maar geschraagd door het feit dat de voornoemde East in 'Weg' samen met een paar medecriminelen een tocht door Amerika maakt. Op basis van zulke inhoudelijke feitelijkheden een romandebuut met een klassiek meesterwerk vergelijken, echter, is net zoiets als ieder boek dat hier in Vlaanderen verschijnt en zich tijdens de Tweede Wereldoorlog afspeelt schaamteloos naast Het verdriet van België stellen.

Waarom ik dan toch begon te lezen? Omdat – en dit is niet eens hyperbolisch bedoeld – de beste nog levende schrijver ter wereld, Donald Ray Pollock, auteur van onder meer 'Al die tijd de duivel' en 'De heilige tafel', op de voorflap 'Weg' als volgt omschrijft: ‘Een van de beste literaire thrillers die je ooit zult lezen’. Zoiets leg je natuurlijk niet zomaar naast je neer, en dus begon ik er vol goede moed aan.

Bill Beverly, Foto: Olive Beverly

Bill Beverly, Foto: Olive Beverly

Op de eerste bladzijde reeds, evenwel, zonk de goede moed mij in de schoenen. Twee mannen kwamen op deze bladzijde ‘naar buiten gewaggeld, overrompeld door de zon, waar ze naar staarden als naar een ex-liefje dat ze lang niet hadden gezien.’ Het betrof hier kortom inderdáád en zonneklaar, zeg maar, een zogenaamde ‘literaire thriller’, wat wil zeggen: een boek met veel ruimte voor metaforen waar de goede bedoelingen van afdruipen, maar waarvan je al te dikwijls met de beste wil van de wereld niet kunt achterhalen wat ze betekenen of op welk beeld ze nu precies mikken. Ook werkwoordarme zinnen als ‘Het geluid van piepende banden, moeilijk te zeggen waar het vandaan kwam’ en ‘Loeiende sirenes, motorgeronk, banden die over het asfalt scheurden’, toonbeelden dus van het meest belegen literaire techniekje om actie en vaart te suggereren, vielen tot mijn ergernis van bij het begin in groten getale aan te treffen.

Tot overmaat van ramp bleek tevens de vertaling, om zelf metaforisch in de wereld van de misdaad te blijven, om op te schieten te zijn. ‘Het gebulder kwam de straat binnen,’ staat er te lezen – dat moet dus een overdekte straat zijn. Een tunnel misschien? Op dezelfde bladzijde: ‘Boven hen werd een raam opengegooid. Erachter dook een oud, verweerd gezicht op, als een vis uit roestig water.’ Wellicht wordt hier bedoeld dat in het vrijgekomen gat van een opengegooid raam een gezicht verschijnt; ‘achter’ het raam moet dus ‘in’ zijn, zoveel is duidelijk. Maar dat van die vis en dat roestige water blijft ook na lang gepieker en gepeins jammer genoeg een ongrijpbaar mysterie voor mij.

Op de eerste bladzijde reeds, zonk de goede moed mij in de schoenen.
Christophe Vekeman

Goed, het verhaal dan. East is een jongen die bij nacht de wacht houdt bij een drugpand in Los Angeles, maar als op een ongelukkige dag een onschuldig meisje, dat nergens wat mee te maken heeft, om het leven komt bij een vuurgevecht tussen de drugdealers en de politie, wordt East door zijn bazen een tijdje ‘met vakantie’ gestuurd, welke vakantie erop neerkomt dat hij in het gezelschap van drie andere zwarte jongens een rechter moet gaan omleggen in Wisconsin. Wat gebeurt er vervolgens in deze ‘schitterende misdaadroman’? Wel, het ‘schijnsel van een van de kaarsen hakte zijn schedel doormidden.’ Bloedstollend proza, nietwaar! Logisch dan ook dat hierop het volgende gebeurt: ‘In zijn maag sprong een vonkje op, er kronkelde een slang.’

Het is met spijt en pijn in het hart, maar een andere conclusie dan de volgende kan helaas niet worden getrokken: de beste schrijver van de wereld is geen bijster goede lezer…

Christophe Vekeman

'Weg' van Bill Beverly is verschenen bij De Geus

Vertaald door Laura Weeda en Nadia Ramer

 

Pompidou

Klara’s dagelijkse ontmoeting met de wereld van de kunst. Chantal Pattyn en Nicky Aerts nodigen een ‘guest of honour’ uit en laat ook andere gasten aan de studiotafel plaats nemen. Alles voor de Kunst!

Presentatie: Chantal Pattyn / Nicky Aerts

Contact: pompidou@klara.be

Pompidou wordt als podcast aangeboden.